Coronavirus

print

Coronaverhaal van Daphne Kant, student Social Work

29 mei 2020

Een babbelbox waar bewoners hun dierbaren in levende lijve kunnen zien en spreken, zonder dat er kans is op coronabesmetting: Social Work-studente Daphne Kant coördineert dit mooie initiatief tijdens haar stage bij een Bredase zorginstelling.

 “Mijn stage verloopt door de uitbraak van het coronavirus heel anders dan van tevoren gedacht. Ik zou de activiteiten begeleiden voor de 140 ouderen en mensen met niet-aangeboren-hersenletsel (NAH) die hier wonen, maar die activiteiten zijn allemaal afgelast. En erger nog: er is al 6 weken een bezoekverbod. Dat is heel zwaar voor de bewoners. Familieleden, geliefden, mantelzorgers, er mag niemand meer langskomen. Ik merk dat de ouderen eenzaam zijn en dat jongere bewoners met NAH zich vervelen. Zij hebben vaak ook een partner die ze nu niet mogen zien. Aan mij de taak om creatieve oplossingen te bedenken en de hele situatie voor hen wat te verlichten.

Babbelbox tegen eenzaamheid

Zo hebben we een babbelbox ingericht waardoor bewoners hun naasten kunnen spreken, zien en toch even heel dichtbij hen kunnen zijn. Het werkt als volgt: Double Productions benaderde ons met het aanbod om 2 microfoons en 2 speakers te sponsoren. Aan ons de taak om er iets mee op te zetten. We hebben beneden in het gebouw een ruimte waar normaalgesproken de mondzorg plaatsvindt. Daar hebben we nu een alternatieve bezoekruimte ingericht. Er is daar een uitgang met 2 schuifdeuren met een sluis ertussen. We hebben de binnenste glazen deuren gesloten: bewoners zitten aan de ene kant van de glazen deur en hun ‘bezoek’ aan de andere kant. Dankzij de microfoons kunnen ze elkaar zien én spreken zonder dat er kans is op besmetting.

Blije gezichten

Ik heb de mondzorgruimte aangekleed en gezellig gemaakt met bloemetjes en posters en begeleid de bewoners naar de gesprekken. Het is natuurlijk niet zo fijn als echt bezoek dat je kunt aanraken, maar we proberen er zo het beste van te maken. En de mensen zijn daar dankbaar voor. Sommige ouderen worden emotioneel als ze hun naasten zien en ik zie bij kinderen en kleinkinderen vaak hele blije gezichten als ze geweest zijn. Dat geeft me veel energie en kracht om door te gaan.

Relativeren

Natuurlijk is er ook weleens onbegrip. Een kwartier om met je dierbaren te praten is hartstikke kort. Ik krijg ook de vraag waarom een familielid niet naar binnen mag en het andere personeel en ik wel. Het is lastig om daar goed mee om te gaan, want ik begrijp het helemaal, maar we kunnen even niet anders, omdat we het risico op besmetting zo laag mogelijk moeten houden. Vaak relativeren de bewoners het dan zelf weer: ‘Ach, het is beter dan dat ik ze helemaal niet zie.’

Geautomatiseerd

Samen met een collega zorg ik voor de planning. Eerst deden we dat handmatig. We mailden bezoekers die zich hadden aangemeld praktische informatie – er mogen bijvoorbeeld maar 2 mensen tegelijk komen – en gaven een tijd door. Nu hebben we dat proces geautomatiseerd met een reserveringsmodule. Bezoekers kunnen zelf een afspraak plannen op een tijdstip dat hen uitkomt. Heel fijn, want er is steeds meer animo voor!

Natuurlijk is het een lastige situatie om in te werken. We zitten hier met een zeer kwetsbare doelgroep. Toch ben ik blij dat ik nog gewoon kan stagelopen, ook al zien mijn werkzaamheden er anders uit dan vooraf gedacht. Dat leer je ook bij de opleiding: nieuwsgierig zijn en blijven, je verplaatsen in je doelgroep én initiatiefnemen. Ik ben positief ingesteld en kijk samen met mijn collega’s wat er nog wél kan.”

Terug naar het overzicht 'Studenten aan het woord'

Laatst bijgewerkt op 29 mei 2020.